NL |  FR |  EN
Pers |  Nieuwsbrief |  Campagne |  Bedankt |  Contact
Error showing flash-object.

GezondheidsenquÍte, BelgiŽ, 2004 

Bron: Wetenschappelijk instituut Volksgezondheid

Consumptie van fruit in BelgiŽ 

Analyse volgens geslacht en leeftijd
Onder personen die onvoldoende fruit gebruiken, bedoelt men de personen die niet dagelijks fruit eten. Van de totale bevolking geeft 41% aan onvoldoende frequent fruit te gebruiken. Mannen (46%) geven significant meer dan vrouwen (37%) aan onvoldoende fruit te consumeren. In de leeftijdsgroep 15 tot 34 jaar geeft ruim de helft van de bevolking aan onvoldoende fruit te consumeren. Dit percentage daalt in de oudere leeftijdsgroepen om nog 30% te bedragen voor de leeftijdsgroep van 75 jaar en ouder.

Analyse volgens opleidingsniveau
Er kan een duidelijke samenhang vastgesteld worden tussen het opleidingsniveau en de consumptie van fruit. Waar bij diegenen met geen of slechts een diploma lager onderwijs 43% aangeeft onvoldoende frequent fruit te gebruiken, daalt dit percentage tot 36% bij diegenen die beschikken over een diploma hoger onderwijs. Na correctie voor leeftijd en geslacht ligt het percentage personen dat onvoldoende frequent fruit eet significant lager bij diegenen met een diploma hoger onderwijs.

Analyse volgens urbanisatiegraad
Het consumptiegedrag van fruit vertoont geen samenhang met de urbanisatiegraad. Het ruwe cijfermateriaal toont aan dat het percentage personen die onvoldoende frequent fruit gebruikt het hoogst is in halfstedelijke gebieden (43% in vergelijking met 41% in landelijke gebieden en 40% in stedelijke gebieden), maar de verschillen blijken na correctie voor leeftijd en geslacht niet significant te zijn.

Evolutie doorheen de tijd
Het percentage personen dat aangeeft onvoldoende frequent fruit te gebruiken is licht gestegen tussen 2001 (39%) en 2004 (41%), maar deze stijging is, na correctie voor leeftijd en geslacht, niet significant.